Purling Penny

Kleurenruzie

Het idee was helder. Tenminste, in mijn hoofd. Een paar kleuren die met z’n allen samen, precies zouden doen wat ik wilde: elkaar versterken, zonder dat het te druk of juist te flets zou worden. In de winkel voelde het meteen goed. De bollen lagen naast elkaar en dat was genoeg bewijs.

Thuis bleek dat niet zo eenvoudig. Zodra ik begon te breien, veranderde er iets. De kleuren deden niet wat ik verwachtte. De ene werd veel dominanter dan gepland, de andere verdween bijna volledig. Wat ik voor ogen had, zag ik nergens terug. Ik haalde het uit en begon opnieuw.

De tweede poging voelde ook niet goed. En de derde eigenlijk ook niet. Elke keer dacht ik: nu komt het wel samen, en elke keer bleef het gevoel dat het nét niet klopte. Niet fout, maar ook zeker niet goed. Dat soort twijfel is vermoeiender dan een duidelijke mislukking, want je blijft hopen dat het vanzelf beter wordt.

Na een paar keer opnieuw beginnen kwam de frustratie. Niet boos, maar teleurgesteld keek ik naar de wol en probeerde te begrijpen waar het misging. Het was duidelijk dat het probleem niet het breien zelf was, maar de kleurencombinatie.
Toen besloot ik het anders aan te pakken. Geen groot project meer, maar kleine proefjes. Korte stukjes, verschillende combinaties. Ik wisselde kleuren om, gebruikte ze in andere verhoudingen, liet er eentje meer op de achtergrond blijven. Dat gaf rust. Zonder de druk van “dit moet het worden” kon ik gewoon kijken.

Langzaam werd duidelijk wat wel werkte en wat niet. Sommige combinaties konden meteen van de lijst af. Andere bleken onverwacht goed. Terwijl ik proefjes naast elkaar legde, kwam de kat kijken. Hij ging precies op de minst geslaagde combinatie zitten, wat ik besloot te zien als feedback. Deze dus niet.

Toen ik daarna opnieuw begon aan het echte project, voelde het meteen anders. Ik wist nu weer waarom ik voor deze kleuren had gekozen. Niet alleen omdat ik ze leuk vond in de winkel, maar omdat ík ze kon laten matchen. Een gevoel van trots daalde over me neer. Ik kon het laten werken, omdat ik de baas was over deze kleuren, of in elk geval de combinatie ervan. De kat was het hier zichtbaar mee eens en liet dit proeflapje met rust. Dat voelde als een overwinning.

Het breien ging daarna als een tierelier. Geen twijfel, niets uithalen, gewoon heerlijk genieten van het maken van de steken en het bewonderen van mijn eigen kleurencombinatie.

Soms zit de oplossing niet in stug volhouden maar in eerst wat aanklooien met kleine lapjes. Dat, en luisteren naar een kat die duidelijk maakt welke kleuren je beter kunt vergeten.

PurlingPenny